Flach Cards Collections

Néerlandais

2013-05-20 • 0 Cards

dutch chp 5

tekenen, mag ik wat vragen, bovendien, het enkeltje, het retourtje, het enkeltje, het water over, u moet het water over, de veerpont, het lawaai, ik voel me, de enkele reis, he heenreis, de terugreis, ik stap uit

2013-05-01 • 134 Cards

Dutch chap 4

's morgens als ik opsta, bezig zijn met, het ochtendgymnastiek, het ochtendhumeur, het nachtje, bij je, wat ben je aan het doen, laat me maar even, op gang komen, zo meteen, over een uurtje, lesgeven, nog steeds, doe je iets aan sport, tijd maken

2013-05-01 • 159 Cards

dutch chap 3

avondeten, lusten, het bord, leegeten, zoete, de dingen, aan tafel, mooi, ik heb zo'n honger, gekookte, de dochtor, rauwkost, of zo, veel, kom op

2013-03-31 • 213 Cards

dutch chap 2

gewone, vaak, beide, u bedenkt, zoek, volgen, u gaat, degegevens, de opleiding, het gebruik van, de leestekens, de eigennamen, bij voorbeeld, de punt, het vraageken

2013-03-28 • 158 Cards

dutch chap 2

2013-03-22 • 0 Cards

dutch

weten, hoe, dus, nog, iemand, nou, allemaal, we zullen, elkaar, zeggen, oefening, woordvolgorde, hoofdzin, GEEF, nog eens

2013-03-22 • 68 Cards

dutch level 1 vocab

2013-02-28 • 0 Cards

ENG Semester 1 - Vocab

truculent, emolument, vicissitude, alacrity, evanescent, encumbrance, torpor, lucubrations, ignominy, iniquity, efficacy, contumacious, mutability, caprice, panoply

2012-12-18 • 30 Cards

y

2012-12-08 • 0 Cards

Dutch for Beginners

goedemorgen, de naam, nieuw, de collega, de Amerikaan, komen, komen uit, wonen, wonen in, uit, in, waar, en, of, de Nederlander

2012-09-04 • 50 Cards

Dutch Sentence: Intermediate 2

Kun je me het recept voor deze cake geven?, De vogels vlogen richting westen., Er zijn veel dingen die we niet begrijpen., Hij zat zes jaar in de gevangenis., Nergens is de herfst mooier dan in Canada., Zijn tv had geen afstandsbediening., Vorige winter was er geen sneeuw., Ik wil graag met mijn advocaat spreken., Deze paddenstoel bevat een dodelijk gif., Er zijn geen reclames op dit radiostation., "Prettig Kerstfeest!", zei hij en lachte., Hij draagt altijd een das op het werk., Ze gedroeg zich alsof er niets was gebeurd., De verpleegster verbond mijn gewonde been., Kan je de ober om de rekening vragen?

2012-03-21 • 183 Cards

Dutch Sentence: Basic 3

Is hier een internetaansluiting?, Wat doe je vanavond?, Morgen moet ze heel vroeg op., Heb je een leuke vakantie gehad?, Gelukkig werd niemand gewond., Hoe ver is het naar de stad?, Wie is je favoriete zanger?, Ik spreek geen Nederlands., Wil je een stukje taart?, Ik heb een kamer nodig., Voorzichtig! De koffie is heet., Samen zal het ons lukken., Wat kunt u aanbevelen?, Mag ik de menukaart alstublieft?, Wat is er als toetje?

2012-03-21 • 197 Cards

Dutch Advanced 3

het algoritme, de hyperbool, de vergelijking, oneven, de optelling, het verschil, de oppervlakte, het foliumzuur, het keukenzout, de natrium, de reactor, radioactief, het plutonium, de methanol, het oplosmiddel

2012-03-21 • 166 Cards

Dutch Advanced 2

netto, overboeken, witwassen, besturen, de gordel, de slag, het kruid, verduisteren, de melkweg, de krans, de aandoening, de urine, de kern, de zuurstof, de brouwerij

2012-03-21 • 500 Cards