Dutch Sentence: Basic 2

  • Global rating average: 0.0 out of 5
  • 0.0
  • 0.0
  • 0.0
  • 0.0
  • 0.0
498 Cards. Created by Paul ().
 
Term  
Definition

Je moet je beheersen!

 

You must control your temper!

Mag ik een voorstel doen?

 

Can I make a suggestion?

Zijn gezondheid gaat achteruit.

 

His health is deteriorating.

De toren is van ver te zien.

 

The tower is visible from far away.

De buren zijn lawaaierig.

 

The neighbours are noisy.

Heb je de deur op slot gedaan?

 

Did you lock the door?

De gevangenis zit overvol.

 

The prison is overcrowded.

Ze is gisteren overleden.

 

She died yesterday.

Oma is in de keuken.

 

Grandmother is in the kitchen.

Ik ben nooit in Mexico geweest.

 

I've never been to Mexico.

De taxi's in New York zijn geel.

 

Taxis in New York are yellow.

Ik wens je een goede reis.

 

I wish you a good journey.

Waar kan ik mijn handen wassen?

 

Where can I wash my hands?

De moesson kwam dit jaar vroeg.

 

The monsoon came early this year.

Wat zijn uw plannen?

 

What are your plans?

Ik haat mijn ex-vriendin!

 

I hate my ex-girlfriend!

Ik ben optimistisch.

 

I'm optimistic.

Dat is het huis van Jack.

 

That is Jack's house.

Hij draagt een hoed.

 

He is wearing a hat.

Waarom kom je niet naar huis?

 

Why don't you come home?